Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2003

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3086.

20. Ten dele geef ik de steller van de middelen wederom gelijk, namelijk in zoverre te verwachten is dat iedere verdachte een volledige verdediging wenst, waarbij naar behoren ingespeeld kan worden op alle verwikkelingen die zich in de procedure zullen blijken voor te doen. Ook in dit verband moet evenwel weer voor ogen gehouden worden dat het niet gaat om de keuze voor het voeren van een verdediging, maar om de keuze voor het overlaten van die verdediging aan de raadsman, wiens optreden voor de verdachte in beginsel verbindend is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed3cececea5e0390961eb8ef17a29d8ae775c208c3c164da3246cd71d811fcc6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed3cececea5e0390961eb8ef17a29d8ae775c208c3c164da3246cd71d811fcc6, en de alinea staat in dat document op bytes 19486 tot 20037.