Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 februari 2003

Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 25 februari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 februari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3097.

6. Het eerste gedeelte van het middel behelst de klacht dat uit de stukken niet blijkt dat een adresverificatie ex art. 588, derde lid, sub c, Sv heeft plaats gevonden. Ik kan de steller van het middel daarin niet volgen. Art. 588, derde lid, sub c, Sv, is slechts van toepassing indien van een verdachte een GBA-adres of een woon- of verblijfplaats bekend is. Uit het GBA-overzicht van 23 juli 1998 volgt echter dat verzoeker ten tijde van de betekening aan de griffier niet was ingeschreven in enige Nederlandse gemeente. Ook was geen woon- of verblijfplaats bekend van verzoeker (zie ook hierna), zodat art. 588, derde lid, sub c, Sv toepassing mist.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2aae4655e85ab602a4bed620bf86014194d0bb137087210356bbff73493eccb3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2aae4655e85ab602a4bed620bf86014194d0bb137087210356bbff73493eccb3, en de alinea staat in dat document op bytes 6072 tot 6739.