Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 februari 2003

Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 25 februari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 februari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3097.

16. Op grond van zijn brief van 30 maart 1998 had het hof mr. de Vries als raadsman dienen te erkennen. Nu verzoeker noch zijn raadsman was verschenen ter terechtzitting van 3 augustus 1998 had het hof dienen te onderzoeken of een afschrift van de dagvaarding aan de raadsman was verzonden. Nu van een dergelijk onderzoek niet blijkt, is het in de bestreden uitspraak besloten liggende oordeel dat art. 51 Sv is nageleefd onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2aae4655e85ab602a4bed620bf86014194d0bb137087210356bbff73493eccb3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2aae4655e85ab602a4bed620bf86014194d0bb137087210356bbff73493eccb3, en de alinea staat in dat document op bytes 11290 tot 11740.