Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3254.
De vraag is of eiseressen, die niet binnen de nationaal-wettelijk voorgeschreven termijnen rechtsmiddelen tegen de heffingen hebben aangewend (welke termijnen na het bekend worden van het arrest van het HvJEG waren verstreken), terzake alsnog vorderingen op de Staat hebben. In deze civiele procedure worden als voertuigen daartoe verschillende civielrechtelijke constructies aangevoerd: onverschuldigde betaling, ongerechtvaardigde verrijking, onrechtmatige daad en strijd met de redelijkheid en billijkheid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3831c71e0e98f308fe186dce855e438d55803c67dd27acfba84e57ad6afa99e3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3831c71e0e98f308fe186dce855e438d55803c67dd27acfba84e57ad6afa99e3, en de alinea staat in dat document op bytes 5197 tot 5719.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3831c71e0e98f308fe186dce855e438d55803c67dd27acfba84e57ad6afa99e3 | shasum -a 256