Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2003

Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3312.

19. De uitleveringsrechter heeft de vrijheid om vast te stellen dat in de overgelegde stukken, al voldoen zij aan de in het toepasselijke verdrag gestelde eisen, geen gegevens zijn te vinden die het oordeel kunnen afhouden dat de vervolging in de verzoekende Staat buitensporig veel tijd heeft genomen. In dat geval kan de uitleveringsrechter zich van aanvullende gegevens laten voorzien, maar hij is daartoe niet verplicht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/35da75be22168284d4aba7883e118dee961ba6685ac43e43be5ec283e88a83fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 35da75be22168284d4aba7883e118dee961ba6685ac43e43be5ec283e88a83fd, en de alinea staat in dat document op bytes 28502 tot 28939.