Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2003

Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3361.

7. Mijns inziens biedt de geschiedenis van totstandkoming van de Wet goederenvervoer over de weg geen steun aan de door de steller van de middelen verdedigde uitleg. Ten tijde van de totstandkoming van de Wgw kende de Wgw twee vergunningen, één voor binnenlands vervoer en één voor grensoverschrijdend vervoer. Onder grensoverschrijdend vervoer worden volgens art. 1 lid 1, aanhef en onder i, verstaan: "eigen vervoer of beroepsvervoer waarbij tussen de plaats waar goederen worden geladen en de plaats waar goederen worden gelost tenminste één grens tussen twee landen wordt overschreden, met dien verstande dat grensoverschrijdend vervoer tussen twee in Nederland gelegen plaatsen gelijk gesteld wordt met binnenlands vervoer".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc83b0b0e96602d9283ffd174b456218de7b37b8256db920f94ebb622ab2c30a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc83b0b0e96602d9283ffd174b456218de7b37b8256db920f94ebb622ab2c30a, en de alinea staat in dat document op bytes 6236 tot 6984.