Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2003
Alinea 60 Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3361.
35. Ik heb mij nog afgevraagd of aan het bepaalde in art. 359 lid 7 Sv niet valt te ontkomen, omdat aan de door het Hof opgelegde straf hetzelfde feitelijk substraat ten grondslag ligt dat aan de vordering van de Advocaat-Generaal ten grondslag moet hebben gelegen. Die omstandigheid is mijns inziens niet voldoende om aan het bepaalde in art. 359 lid 7 Sv voorbij te gaan. Wordt bij de eis uitgegaan van meerdaadse samenloop, bij de veroordeling van voortgezet delict, dan zal aan eis en veroordeling hetzelfde feitelijke substraat ten grondslag liggen en is ook als gevorderde en opgelegde straf gelijk zijn in de zin van art. 359 lid 7 Sv toch sprake van de oplegging van een zwaardere straf (HR 18 maart 1997, nr. 104.156, NJB 1997, blz. 995, nr. 79).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc83b0b0e96602d9283ffd174b456218de7b37b8256db920f94ebb622ab2c30a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc83b0b0e96602d9283ffd174b456218de7b37b8256db920f94ebb622ab2c30a, en de alinea staat in dat document op bytes 25546 tot 26314.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fc83b0b0e96602d9283ffd174b456218de7b37b8256db920f94ebb622ab2c30a | shasum -a 256