Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3411.

Eiseressen tot cassatie sub 1 t/m 4 (hierna: de o.g.-maatschappijen) en verweerster in cassatie, [A] B.V. (hierna: [A]), hebben deel uitgemaakt van het concern van de [C]. Aan de houdstermaatschappij van dit concern, [C] B.V. (hierna: [C]), is in mei 1982 door de Nationale Investeringsbank (hierna: de NIB) een achtergestelde lening verstrekt van f. 10 miljoen. Voor nakoming van de verplichtingen uit deze lening hebben alle tot het [C]-concern behorende vennootschappen, waaronder de o.g.-maatschappijen en [A], hoofdelijke aansprakelijkheid aanvaard. Daarbij was het aan [C] om te bepalen op welk moment uit het krediet werd geput en ten behoeve van welke activiteiten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/73ee5c3dc081f7af658558cf9247306114833b24bcd483db03badbbc3b9fa404. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 73ee5c3dc081f7af658558cf9247306114833b24bcd483db03badbbc3b9fa404, en de alinea staat in dat document op bytes 4632 tot 5319.