Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003

Alinea 103 Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3413.

In de literatuur waren (en zijn er nog, althans met het oog op eventuele toekomstige wetgeving) twee hoofdstromingen te onderscheiden. Volgens de eerste is de rekeninghouder de rechthebbende. Het saldo op de kwaliteitsrekening is daarbij evenwel afgescheiden van de rest van het vermogen van de rekeninghouder, en valt om die reden buiten diens eventuele faillissement. Die visie is verdedigd door o.m. T.H.D. Struycken, WPNR 6241, p. 752 e.v. (1996),Vranken t.a.p., Kortmann en - in diens school - Faber en Steneker t.a.pp., alsmede Verbeke en Vriesendorp in TvI 2000/1, p. 109 e.v. in hun bespreking van het vonnis van de rechtbank in de onderhavige zaak. Ook de rechtbank koos die lijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4197a0897696ad6e11b6105e9d94de407169051709ba66c1aceff5bde75e26c2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4197a0897696ad6e11b6105e9d94de407169051709ba66c1aceff5bde75e26c2, en de alinea staat in dat document op bytes 29848 tot 30551.