Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003

Alinea 212 Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3413.

5.24. Als de Hoge Raad het ontbreken van de 'bijzondere vertrouwenspositie tussen de Coöperatie en haar patiënten' niét op zichzelf doorslaggevend acht (of oordeelt dat in casu een dergelijke positie aanwezig kan worden geoordeeld), dan is op basis van het hier - nog steeds - besproken tweede subonderdeel van onderdeel III de vraag aan de orde of de omstandigheid van de door het hof aanwezig geoordeelde verrekeningsbevoegdheid kan gelden als een bijkomende of zelfstandige grond om de door ProCall voor de Coöperatie geïnde gelden niet aan het faillissement van ProCall te onttrekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4197a0897696ad6e11b6105e9d94de407169051709ba66c1aceff5bde75e26c2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4197a0897696ad6e11b6105e9d94de407169051709ba66c1aceff5bde75e26c2, en de alinea staat in dat document op bytes 77895 tot 78502.