Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003
Alinea 280 Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3413.
24 Eerder, in de Nadere memorie van antwoord aan de Eerste Kamer (20 november 1988) bij het voorstel voor de nieuwe Wnot, ging de regering er overigens van uit dat de lijn in Slis-Stroom zich niet (zonder nadere wetgeving) leende voor een doortrekken naar beroepsgroepen buiten het notariaat (laat staan nog ruimer). Aldaar gaf de regering aan dat het haar streven is om op termijn te komen tot een algemene, voor alle vrije beroepsbeoefenaars geldende regeling (Kamerstukken I, 23 705, nr. 25a, p. 4 onderaan/p. 5 bovenaan). Uit deze Nadere memorie van antwoord valt af te leiden dat voor andere beroepsgroepen het aanhouden van een stichting derdengelden vooralsnog als de enige voor de hand liggende (en acceptabele) oplossing werd beschouwd (t.a.p. p. 5, derde alinea). Vgl. ook de brief van de Staatssecretaris aan de Tweede Kamer inzake de GDW en de WNot d.d. 26 november 2001, Kamerstukken II, 2001-2002, 22775 en 23706, nr. 21.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4197a0897696ad6e11b6105e9d94de407169051709ba66c1aceff5bde75e26c2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4197a0897696ad6e11b6105e9d94de407169051709ba66c1aceff5bde75e26c2, en de alinea staat in dat document op bytes 93080 tot 94029.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4197a0897696ad6e11b6105e9d94de407169051709ba66c1aceff5bde75e26c2 | shasum -a 256