Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003
Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3419.
10) Zoals A-G Mok in zijn conclusie voor HR 10 januari 1997, NJ 1997, 360 m.nt. Ma in alinea's 3.3.1. e.v. beschrijft, werpt de wetgeschiedenis van de art. 2:138 en 2:248 BW licht op de strekking van art. 2:9 BW, omdat die wetgeschiedenis er blijk van geeft dat bij de totstandkoming van de nieuwe bepalingen aansluiting is gezocht bij art. 2:8 BW, inhoudelijk overeenstemmend met het huidige art. 2:9.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41981c8376f95713a78ee07d7c690e388d3ef8b6cd6bbf49b91be39d722725fb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41981c8376f95713a78ee07d7c690e388d3ef8b6cd6bbf49b91be39d722725fb, en de alinea staat in dat document op bytes 14867 tot 15282.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41981c8376f95713a78ee07d7c690e388d3ef8b6cd6bbf49b91be39d722725fb | shasum -a 256