Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003

Alinea 55 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3419.

In HR 29 november 2002, RvdW 2002, 195 ging het om verkoop van een "deelneming" van de rechtspersoon zonder de daarvoor statutair voorgeschreven toestemming van de raad van commissarissen. De Hoge Raad overwoog dat het feit dat gehandeld is in strijd met statutaire bepalingen die de rechtspersoon beogen te beschermen, als een zwaarwegende omstandigheid moet worden aangemerkt, die in beginsel de aansprakelijkheid van de bestuurder vestigt. Ook dat oordeel wekt niet de indruk dat de maatstaf van "ernstig verwijt" beperkt is tot gevallen die kwalificaties als "onverantwoord" of "misbruik" verdienen. Handelen in strijd met statutaire bepalingen die de rechtspersoon beogen te beschermen is ongetwijfeld laakbaar, maar slechts onder vrij uitzonderlijke omstandigheden dusdanig laakbaar dat dergelijke kwalificaties op hun plaats (zouden) zijn; terwijl de Hoge Raad toch als algemeen geldend uitgangspunt aannam, dat de betreffende gedraging aansprakelijkheid van de bestuurder kan rechtvaardigen(15).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41981c8376f95713a78ee07d7c690e388d3ef8b6cd6bbf49b91be39d722725fb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41981c8376f95713a78ee07d7c690e388d3ef8b6cd6bbf49b91be39d722725fb, en de alinea staat in dat document op bytes 27980 tot 28996.