Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 april 2003
Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 15 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF3818.
Evenmin is in de beschikking te lezen, zoals de steller van het middel wél doet, dat volgens de Rechtbank élke inbreuk op de persvrijheid proportioneel is als maar de feiten die moeten worden opgelost voldoende ernstig zijn. De Rechtbank heeft de ernst van de feiten gewogen, daarbij betrokken het maatschappelijk effect dat zulke rellen hebben, en gemeend dat het recht van vrije nieuwsgaring - dat via de direct rechthebbenden, de reporters, in de toekomst wellicht beklemd kan raken - dient te wijken voor het belang van de waarheidsvinding. De Rechtbank was niet gehouden de ernst van de feiten in gradaties te gaan stellen naast de mogelijk denkbare bedreigingen voor de veiligheid van journalisten en zo, indirect, voor het recht op vrije nieuwsgaring. De Rechtbank heeft voorts niet de kans op een daadwerkelijke belemmering van de persvrijheid links laten liggen, maar nu juist de afweging gedaan die van een rechter in een procedure als de onderhavige mocht worden verwacht. Dat is een afweging die gedicteerd wordt door de omstandigheden van het geval en weer van overwegend feitelijke aard is. Niet is gebleken dat de Rechtbank omstandigheden die voor de afweging van belang zijn heeft veronachtzaamd of een onbegrijpelijke afweging heeft gemaakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56ea1f7657fb7b39f4979de6e2f0202329e65832961090d8c55d98136cc6651e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56ea1f7657fb7b39f4979de6e2f0202329e65832961090d8c55d98136cc6651e, en de alinea staat in dat document op bytes 29601 tot 30874.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/56ea1f7657fb7b39f4979de6e2f0202329e65832961090d8c55d98136cc6651e | shasum -a 256