Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2003
Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4146.
16. Het eerste door het EHRM genoemde criterium, de plaats die de procedure naar nationaal recht inneemt, is ook in Nederlandse rechtspraak aan de orde geweest. In HR 5 december 1995, NJ 1996, 411, m.nt. Sch, werd de ontnemingsprocedure - overeenkomstig de hiervoor weergegeven opvatting van de wetgever - geduid "als een afzonderlijk onderdeel dan wel voortzetting van dezelfde vervolging die kan leiden tot veroordeling van straf". Aan die omstandigheid werd een argument ontleend om op de ontnemingsprocedure art. 6 lid 2 EVRM toepasselijk te achten. Naar uit r.o. 32 in de zaak Phillips valt op te maken, ziet het Europese Hof in die omstandigheid juist een reden om niet te spreken van een nieuwe "criminal charge"(6) en dwingt die omstandigheid er dus niet toe art. 6 lid 2 EVRM op de ontnemingsprocedure van toepassing te achten(7).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9524a1d3b4a4a75382d43296c6626faea0250c9461d2d6d88548c82fab1ae889. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9524a1d3b4a4a75382d43296c6626faea0250c9461d2d6d88548c82fab1ae889, en de alinea staat in dat document op bytes 17531 tot 18384.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9524a1d3b4a4a75382d43296c6626faea0250c9461d2d6d88548c82fab1ae889 | shasum -a 256