Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 april 2003

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 1 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4146.

17. Voor de Nederlandse ontnemingsprocedure geldt op overeenkomstige wijze als voor de Engelse dat degene tegen wie een vordering tot ontneming wordt ingesteld, naar Nederlands recht niet wordt betrokken in een nieuwe strafzaak maar in een sequeel van de oorspronkelijke strafprocedure. De ontnemingsprocedure is er immers niet op gericht vast te stellen of een strafbaar feit is begaan maar om te bepalen welk bedrag aan de veroordeelde op grond het feit of de feiten waarvoor hij veroordeeld is, moet worden ontnomen. De positie die de ontnemingsprocedure in het Nederlandse rechtsstelsel inneemt, wijst dus niet op toepasselijkheid van art. 6 lid 2 op de Nederlandse ontnemingsprocedure.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9524a1d3b4a4a75382d43296c6626faea0250c9461d2d6d88548c82fab1ae889. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9524a1d3b4a4a75382d43296c6626faea0250c9461d2d6d88548c82fab1ae889, en de alinea staat in dat document op bytes 18404 tot 19107.