Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 september 2003

Alinea 142 Parket bij de Hoge Raad 26 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4151.

9.6.12. Ten slotte nog dit. In het middelonderdeel wordt betoogd dat in cassatie veronderstellenderwijs moet worden aangenomen dat - anders dan ik in het voorgaande heb bevonden - H geen onderneming 'op het gebied van nijverheid of handel' drijft en de nabetalingen geen 'nijverheids- of handelsvoordelen' vormen. Het verbindt hieraan de conclusie dat artikel III, lid 1, van het Verdrag Nederlandse belastingheffing over de nabetalingen verbiedt. Deze gedachtegang kan ik niet volgen. Artikel III, lid 1, geeft enkel een toewijzingsregel voor 'nijverheids- of handelsvoordelen'. Indien de nabetalingen niet onder de uitdrukking 'nijverheids- of handelsvoordelen' te rangschikken zijn, mist voornoemde toewijzingsregel toepassing. Ook dan geldt dat noch artikel III, lid 1, noch enige andere bepaling van het Verdrag Nederland het recht ontneemt om over de nabetalingen belasting te heffen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56ae8e56f876b58683e92cc4638cba080a582fa00f35fe17548ff434bc1eb171. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56ae8e56f876b58683e92cc4638cba080a582fa00f35fe17548ff434bc1eb171, en de alinea staat in dat document op bytes 50264 tot 51167.