Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 april 2003
Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 15 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4333.
Een bijzonder geval kan ook bestaan wanneer de officier van justitie of rechter-commissaris zelf opsporingsdaden heeft verricht en daarover duidelijkheid kan verschaffen, bijvoorbeeld als niet blijkt waar een bepaald voorwerp bij een zoeking is aangetroffen.(6) Maar duidelijk anders ligt het wanneer een officier van justitie of rechter-commissaris als getuige wordt gevraagd om hem of haar verantwoording te laten afleggen van de door hem of haar genomen beslissingen.(7) En dat laatste is hier toch het geval. De verdediging wilde weten of de beslissing om alsnog voor de bedreiging uit 1997 te gaan vervolgen door de beugel kon en welke motieven daaraan ten grondslag lagen. Maar kennelijk stelde de verdediging er geen prijs op dat te vernemen van de vertegenwoordiger van het OM die ter terechtzitting verantwoording kon afleggen voor de vervolgingsbeslissing.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5eb2e77e32121111b48fc161f94ebbe820d3db01d97e286fc7d895819bc66ee0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5eb2e77e32121111b48fc161f94ebbe820d3db01d97e286fc7d895819bc66ee0, en de alinea staat in dat document op bytes 11478 tot 12357.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5eb2e77e32121111b48fc161f94ebbe820d3db01d97e286fc7d895819bc66ee0 | shasum -a 256