Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003
Alinea 87 Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4593.
2.22 Wordt een vennootschap/niet-rechtspersoon ontbonden, dan gelden verschillende regelingen al naar gelang de vennootschap wordt voortgezet tussen de overblijvende vennoten, dan wel de vennootschap niet wordt voortgezet maar dient te worden vereffend. In het eerste geval, dat is geregeld in art. 7:821 lid 1, wordt het aandeel van de uittredende vennoot toegedeeld aan de overblijvende vennoten door levering. In het ontwerp Van der Grinten (art. 7.13.1.15 lid 4) was in zoverre nog sprake van overgang van rechtswege, maar in dit ontwerp was nog geen rekening gehouden met de inmiddels in werking getreden titel 3.7 BW. Omdat een overgang van rechtswege onverenigbaar is met de thans geldende artikelen 3:186 juncto 3:189 lid 2 BW en mede gelet op motieven van rechtszekerheid en kenbaarheid van de overgang, wordt hier thans dwingendrechtelijk levering vereist.(43)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a8789d953e4d5f02a13d2e47b2df1e04b4099f4b66d7554ad080bc6fd95706c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a8789d953e4d5f02a13d2e47b2df1e04b4099f4b66d7554ad080bc6fd95706c6, en de alinea staat in dat document op bytes 38636 tot 39519.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a8789d953e4d5f02a13d2e47b2df1e04b4099f4b66d7554ad080bc6fd95706c6 | shasum -a 256