Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4595.

22) De onjuiste gedachte dat liquiditeiten gelijk gesteld mogen worden met vrij besteedbare middelen (zoals winst of reserves), heeft voor meer dan één onhandige ondernemer tot faillissement geleid. Toch lijkt het hof zich door dat misverstand te hebben laten leiden; en ook daar komt het middel volgens mij met recht tegen op. Zelfs al zou - anders dan uit de hiervóór door mij verdedigde opvatting voortvloeit(27) - de ondernemer die zijn eenmanszaak als B.V. wil voortzetten en alvast onder de "rechtsvorm" van de B.V. i.o. zaken doet, de vrijheid hebben om vrij besteedbare middelen uit de B.V. i.o. af te zonderen en aan zichzelf uit te keren om die vervolgens voor een kapitaalstorting aan te wenden, dan nog is het niet geoorloofd om kwansuis het bedrag dat te eniger tijd op de rekening van de B.V. i.o. staat, maar dat afkomstig is uit een transactie die overigens voor rekening van de B.V. i.o. zal blijven, als een voor dit doel vrij beschikbaar vermogensbestanddeel te bestempelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e37b7ef2486fc97912ba88e24e26c1c6101eb6cdcc91c9cd015090857bd0046. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e37b7ef2486fc97912ba88e24e26c1c6101eb6cdcc91c9cd015090857bd0046, en de alinea staat in dat document op bytes 29309 tot 30319.