Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003

Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4602.

1.1 [Eiser] heeft zaken gedaan met de Coöperatieve Raiffeisen-Boerenleenbank B.A. te Rijswijk (later genaamd Coöperatieve Rabobank Rijswijk B.A., hierna: de Rabobank Rijswijk). Laatstgenoemde heeft haar activiteiten gestaakt en het merendeel van haar rechten en verplichtingen aan de Rabobank Den Haag overgedragen. Het incidentele cassatieberoep betreft de vraag, of de vordering die de Rabobank Rijswijk op grond van een overeenkomst van achterstelling en cessie op [eiser] pretendeert, op de Rabobank Den Haag is overgegaan. Het principale cassatieberoep betreft de vraag, of het hof het door [eiser] in hoger beroep gedane beroep op onverschuldigde betaling onbesproken mocht laten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d07586a34077bef1fa6d8c7cee99d2e89f0bfd463e5c394c6d0ee1d251bc9606. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d07586a34077bef1fa6d8c7cee99d2e89f0bfd463e5c394c6d0ee1d251bc9606, en de alinea staat in dat document op bytes 4480 tot 5181.