Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003

Alinea 55 Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4602.

Met betrekking tot deze vraag merk ik allereerst op, dat de obligatoire overeenkomst waarbij de schuldenaar zich tot cessie verplicht, en de goederenrechtelijke rechtshandeling waarmee de vordering wordt overgedragen, dienen te worden onderscheiden. Wanneer een schuldenaar zich contractueel verplicht een tweetal met name omschreven vorderingen te cederen, en in de (leverings)akte (abusievelijk) slechts melding wordt gemaakt van één met name genoemde vordering, dan is uitsluitend die ene vordering overgedragen. Van bepaalbaarheid aan de hand van de akte en aanvullende objectieve gegevens is in zo'n geval geen sprake(17). Omgekeerd geldt, dat als in de akte (abusievelijk) melding wordt gemaakt van over te dragen vorderingen, terwijl te dien aanzien geen overeenkomst tussen partijen bestaat, de vordering niet overgaat omdat dan niet aan het vereiste van een geldige titel is voldaan(18). Met uitleg van de cessieakte heeft dit strikt genomen niets te maken; wel geldt in verband met het voorgaande dat partijen bij de cessie zich er noch tegenover elkaar noch tegenover derden op kunnen beroepen dat zij het er over eens waren dat een bepaalde vordering zou worden gecedeerd, indien daarvan in de akte geen melding is gemaakt en zulks niet met behulp van objectieve gegevens uit de akte kan worden afgeleid: alsdan is aan het leveringsvereiste van "een daartoe bestemde akte" immers niet voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d07586a34077bef1fa6d8c7cee99d2e89f0bfd463e5c394c6d0ee1d251bc9606. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d07586a34077bef1fa6d8c7cee99d2e89f0bfd463e5c394c6d0ee1d251bc9606, en de alinea staat in dat document op bytes 21340 tot 22760.