Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003
Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4604.
2.3 BEH heeft de ontvankelijkheid van het Productschap betwist. Zolang een bestuursrechtelijke procedure loopt, is er geen plaats voor een terugvordering bij de burgerlijke rechter, aldus BEH (cva conv onder 15). Het Productschap heeft, volgens BEH, geen publiekrechtelijke en civiele bevoegdheid om terug te vorderen (cva onder 16-18). Subsidiair heeft zij gesteld dat de civielrechtelijke bevoegdheid tot terugvordering wordt uitgeoefend in strijd met geschreven en ongeschreven regels van publiek recht (cva onder 19). Meer subsidiair heeft zij betoogd dat de vordering van het Productschap is verjaard (cva onder 26, waarop onder 16 reeds werd gepreludeerd). BEH heeft in dat laatste verband gesteld dat het Productschap blijkens een interne notitie(4) (kennelijk van de FIOD, JS) reeds op 5 oktober 1990 volledig op de hoogte was van het bestaan van de vordering (cva onder 27 en met name ook cvd conv onder 11). Tevens heeft BEH aangedrongen dat op publiekrechtelijke bevoegdheden gebaseerde terugvorderingen de regels van het BW van toepassing zijn (cvd conv. onder 7 e.v.).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e67eafcba504636295d2e3e1738763e5c39c7a670d98c9dce4e81e5c88221bea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e67eafcba504636295d2e3e1738763e5c39c7a670d98c9dce4e81e5c88221bea, en de alinea staat in dat document op bytes 9201 tot 10295.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e67eafcba504636295d2e3e1738763e5c39c7a670d98c9dce4e81e5c88221bea | shasum -a 256