Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003

Alinea 124 Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4606.

Dit kan worden afgeleid uit rechtsoverweging 4.5.1 - in cassatie onbestreden gelaten - waar het hof oordeelt, samengevat, dat zijn bestreden beslissing anders zou (kunnen) zijn geweest als voor het "feit" dat aan [eiser] de mogelijkheid is ontnomen zijn voorgenomen plannen uit te voeren (stelling in rov. 4.4.3 onder a en d) tevens zou zijn komen vast te staan dat [eiser] hierdoor psychisch is beschadigd (stelling in rov. 4.4.3 onder b en c) welke omstandigheid naar het oordeel van het hof echter niet is komen vast te staan. Voor dit laatste achtte het hof - eveneens in cassatie onbestreden gelaten - onvoldoende dat [eiser] als gevolg van de ontstane affaire is verbitterd en zich bij tijd en wijle wegens psychische klachten onder medische behandeling heeft moeten stellen (stelling in rov. 4.4.3 onder b en c).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/baac8e7fe155bb09c0c4d850da6e2e18c41214bfed2606564bcb3a6c76523e0f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt baac8e7fe155bb09c0c4d850da6e2e18c41214bfed2606564bcb3a6c76523e0f, en de alinea staat in dat document op bytes 52011 tot 52843.