Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003
Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4606.
2.12 Deze regel is ontwikkeld met een beroep op de goede procesorde, meer in het bijzonder met het oog op het belang dat de wederpartij heeft bij een ordentelijk verloop van het debat. Van een partij die tussentijds appelleert, mag daarom worden gevergd dat zij daarbij "al haar bezwaren" tegen de in het bestreden tussenvonnis gegeven eindbeslissingen aan de appelrechter voorlegt, aldus Ras in zijn noot onder HR 24 september 1993, NJ 1994, 299.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/baac8e7fe155bb09c0c4d850da6e2e18c41214bfed2606564bcb3a6c76523e0f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt baac8e7fe155bb09c0c4d850da6e2e18c41214bfed2606564bcb3a6c76523e0f, en de alinea staat in dat document op bytes 23677 tot 24137.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/baac8e7fe155bb09c0c4d850da6e2e18c41214bfed2606564bcb3a6c76523e0f | shasum -a 256