Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4613.
7) Het komt met enige regelmaat voor dat partijen overeenkomsten aangaan die zij niet als huur en verhuur (wensen te) kwalificeren (maar die bijvoorbeeld in de vorm van koop met uitgestelde levering, huurkoop of leasing zijn gegoten - rechtsfiguren die enige gelijkenis vertonen met de constructie die in deze zaak ter beoordeling staat); en dat dan, als over de betreffende rechtsverhouding geschil ontstaat, wordt vastgesteld dat die rechtsverhouding als een aan dwingend recht onderworpen huur moet worden aangemerkt. In de rechtspraak, en ook in de literatuur, wordt wel verondersteld dat dergelijke constructies worden gekozen met de opzet om de werking van het dwingende recht te ontgaan. Hoe dat zij, zowel literatuur als rechtspraak nemen ten opzichte van die constructies een kritische houding in, die er in de meeste in de rechtspraak gepubliceerde gevallen toe heeft geleid dat "door de constructie heen werd geprikt" en werd geoordeeld dat de regels van huur en verhuur van toepassing waren(5).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2ac42d50a0ae85bd8f8e713b8e6543fcadceecf284a8b1a18876447319059b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2ac42d50a0ae85bd8f8e713b8e6543fcadceecf284a8b1a18876447319059b6, en de alinea staat in dat document op bytes 10926 tot 11946.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d2ac42d50a0ae85bd8f8e713b8e6543fcadceecf284a8b1a18876447319059b6 | shasum -a 256