Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4613.

17) De overweging die deze middelonderdelen bestrijden - rov. 4.7. - lijkt mij overigens duidelijk genoeg: tussen de elementen van de rechtsverhouding van partijen bestaat dit verband, dat de verstrekking van woongenot door [eiser] aan [verweerder] c.s. en de verstrekking van bepaalde bedragen door [verweerder] c.s. aan [eiser], door het hof als de twee tegenover elkaar staande prestaties in een huurverhouding worden aangemerkt. Dan is heel begrijpelijk dat die elementen als dusdanig "verknocht" worden aangemerkt dat de vordering tot effectieve beëindiging die [eiser] geldend wilde maken, niet voor ieder van de betreffende elementen afzonderlijk kan worden beoordeeld, maar alleen voor de rechtsverhouding in zijn geheel. De motiveringsklachten uit deze middelonderdelen beoordeel ik daarom eveneens als ongegrond

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2ac42d50a0ae85bd8f8e713b8e6543fcadceecf284a8b1a18876447319059b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2ac42d50a0ae85bd8f8e713b8e6543fcadceecf284a8b1a18876447319059b6, en de alinea staat in dat document op bytes 20544 tot 21379.