Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 april 2003
Alinea 121 Parket bij de Hoge Raad 25 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4616.
Het criterium van gebruik in overwegende mate werd (overigens onder uitdrukkelijke verwijzing naar HR 24 november 1972, NJ 1973, 93) mede gehanteerd in een geval waarin een onroerende zaak deels als woonruimte en deels als praktijkruimte in gebruik was en waarin over de toepasselijkheid van de Huurprijzenwet woonruimte diende te worden beslist; zie HR 5 november 1993, NJ 1994, 228, m.nt. PAS ("3.2 (...) Het ligt voor de hand en strookt met een wetstoepassing die recht doet wedervaren aan het dwingende karakter van de HPW en van de regeling vervat in de art. 7A:1623a-1623o, om het gehuurde slechts dan niet in zijn geheel als woonruimte aan te merken indien het, mede in aanmerking genomen de inrichting en hetgeen partijen omtrent het gebruik voor ogen stond, in overwegende mate voor een ander doel dan voor bewoning in gebruik is (vgl. HR 24 nov. 1972, NJ 1973, 93)."). Eerder had de Hoge Raad in enigszins vergelijkbare context het criterium van het "(duidelijk) overheersende element" gebruikt; zie HR 28 juni 1985, NJ 1986, 38, m.nt. PAS, waarin werd geoordeeld dat de wettelijke bepalingen betrekkelijk tot huur en verhuur van woonruimte toepassing missen als in de betrokken overeenkomst "het verzorgingselement duidelijk overheerst".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/edcb811d73970c73965e76a48b7b9859b443315d2e92040082b56fcee4066918. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt edcb811d73970c73965e76a48b7b9859b443315d2e92040082b56fcee4066918, en de alinea staat in dat document op bytes 43469 tot 44731.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/edcb811d73970c73965e76a48b7b9859b443315d2e92040082b56fcee4066918 | shasum -a 256