Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 april 2003

Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 25 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4616.

1.3 Tegen deze achtergrond hebben [verweerder] c.s. bij dagvaarding op verkorte termijn van 8 september 1999 het onderhavige geding voor de kantonrechter Sneek ingeleid. Hun vordering strekte tot vaststelling dat de huurovereenkomst per 1 mei 1999 is geëindigd en tot ontruiming van de gehuurde onroerende zaken met uitzondering van de aan 't Sweiland verpande zaken(5) onder afgifte van alle sleutels van alle gebouwen op straffe van een dwangsom van fl. 10.000,- per dag. Voorts hebben [verweerder] c.s. betaling gevorderd van een vergoeding, gelijk aan de tot 1 mei 1999 geldende huurprijs van fl. 8.731,72 (incl. btw) per maand vanaf 1 mei 1999 en - ingevolge vermeerdering van eis bij memorie van grieven - van fl. 8.920,60 (incl. btw) per maand vanaf 1 mei 2000, bij vooruitbetaling te voldoen, voor de periode dat 't Sweiland in het genot van het gehuurde blijft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/edcb811d73970c73965e76a48b7b9859b443315d2e92040082b56fcee4066918. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt edcb811d73970c73965e76a48b7b9859b443315d2e92040082b56fcee4066918, en de alinea staat in dat document op bytes 8894 tot 9778.