Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003
Alinea 103 Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4621.
3.38 Voor zover onderdeel 4 niet in herhalingen vervalt, voldoet het niet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. Immers wordt niet aangegeven waar de in de derde alinea vermelde stelling in feitelijke aanleg is betrokken. De verwijzing aan het slot naar de toelichting op de eerste (en in feite enige) grief mist doel. Ik heb daarin niets kunnen vinden wat het Hof, zelfs met goede wil, zou hebben kunnen opvatten als een exposé als in de klacht verwoord. Heel in het bijzonder wordt daar niets gezegd over uitbreiding van de branddekking in 1984. De stelling zou London Verzekeringen trouwens niet kunnen baten nu het betoog is gestoeld op de onjuist bevonden gedachte dat het aankomt op de bedoeling van de opstellers.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a358e73417c5463487dc7292a1c6c04b23e721f6396ba67744e7f06d6be6ff16. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a358e73417c5463487dc7292a1c6c04b23e721f6396ba67744e7f06d6be6ff16, en de alinea staat in dat document op bytes 43150 tot 43881.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a358e73417c5463487dc7292a1c6c04b23e721f6396ba67744e7f06d6be6ff16 | shasum -a 256