Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003
Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5094.
10. In de conclusie bij HR NJ 2002, 124 wees ik er reeds op dat er enige interpretatie voor nodig is om te bepalen welke in een ontnemingsprocedure gevoerde verweren, met overeenkomstige toepassing van de art. 358 en 359 Sv, nadrukkelijke bespreking behoeven. Dat vloeit voort uit de omstandigheid dat de rechter in een ontnemingsprocedure beslissingen dient te nemen die niet volledig vergelijkbaar zijn met de beslissingen die in een strafzaak op grond van de art. 348 en 350 Sv genomen moeten worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b01eca8df530fb1cfcd830f3cecab222320832debc5a3c15fe3b4f8701d6d9a0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b01eca8df530fb1cfcd830f3cecab222320832debc5a3c15fe3b4f8701d6d9a0, en de alinea staat in dat document op bytes 6790 tot 7306.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b01eca8df530fb1cfcd830f3cecab222320832debc5a3c15fe3b4f8701d6d9a0 | shasum -a 256