Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2003
Alinea 386 Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5100.
4.92. Het derde subonderdeel van onderdeel II, genummerd 18, richt nog een klacht tegen de laatste deeloverweging van het hof in rov. 4. Het hof overweegt daar dat zijn oordeel mede steun vindt in de MvT van het wetsvoorstel dat tot de Omroepwet heeft geleid, nu daarin - mede onder verwijzing naar het Televizier-arrest - is vermeld dat tot de groep 'alle andere geschriften' ook behoren de geschriften zonder eigen of persoonlijk karakter, waarvan ook de lijsten met radio- en televisieprogramma's deel uitmaken. Het subonderdeel klaagt dat slechts van doorslaggevend belang is of de lijst met programmagegevens 'in feite een werk is dat eigen, oorspronkelijk karakter heeft en het persoonlijk stempel van de maker draagt', terwijl niet (zozeer) relevant is hetgeen in meer genoemde MvT is overwogen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d1cffa87d00e57bc5a4d1f11508cc717cdec6924f75cb99ed1b167f8f93782d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d1cffa87d00e57bc5a4d1f11508cc717cdec6924f75cb99ed1b167f8f93782d, en de alinea staat in dat document op bytes 139842 tot 140658.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4d1cffa87d00e57bc5a4d1f11508cc717cdec6924f75cb99ed1b167f8f93782d | shasum -a 256