Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2003

Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5388.

7. Ten aanzien van het tijdstip en de plaats van het delict heeft het hof uit feiten en omstandigheden, in onderling verband en samenhang beschouwd, afgeleid dat [slachtoffer 1] op 19 januari 1999 korte tijd na 15.25 uur van het leven is beroofd in de naaldbossen - waarin ook eiken voorkomen - tussen Doorn en Maarn, ter plaatse of in de buurt van de Amersfoortseweg en de Maarnse Grindweg. Daarop duiden in het bijzonder de vondst van haar fiets en van dode twijgen en naalden van de Douglasspar onder de bh van het slachtoffer, en van stuifmeel van eiken in haar longen; stuifmeel, dat in dat jaargetijde niet in de lucht aanwezig is, maar wel door bijzondere handelingen kan zijn ingeademd - waarbij ik denk aan een buikligging met de mond op de grond, een houding waartoe ook de twee andere slachtoffers door verzoeker werden gedwongen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86de6f89b6ddee119221a1962810a04bc7e480e01494796acdfc19e0cabb4b0a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86de6f89b6ddee119221a1962810a04bc7e480e01494796acdfc19e0cabb4b0a, en de alinea staat in dat document op bytes 12973 tot 13828.