Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2003
Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5388.
14. Vooropgesteld zij dat het aan de rechter die over de feiten oordeelt is voorbehouden om, binnen de door de wet getrokken grenzen, van het beschikbare materiaal datgene tot het bewijs te bezigen wat hem uit een oogpunt van betrouwbaarheid daartoe dienstig voorkomt, welke beslissing in de regel geen motivering behoeft en in cassatie niet met vrucht kan worden bestreden (zie HR 21 september 1999, NJ 2000, 380, m.nt. Kn).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86de6f89b6ddee119221a1962810a04bc7e480e01494796acdfc19e0cabb4b0a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86de6f89b6ddee119221a1962810a04bc7e480e01494796acdfc19e0cabb4b0a, en de alinea staat in dat document op bytes 20223 tot 20661.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/86de6f89b6ddee119221a1962810a04bc7e480e01494796acdfc19e0cabb4b0a | shasum -a 256