Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 mei 2003

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 6 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5421.

29. Ingevolge art. 31, eerste lid, WOTS dient de rechter die verlof verleent tot tenuitvoerlegging van een buitenlandse rechterlijke beslissing, met inachtneming van het daaromtrent in het toepasselijke verdrag voorgeschrevene, de straf of maatregel op te leggen welke op het overeenkomstige feit naar Nederlands recht is gesteld, waarmede, gezien de verwijzing in de MvT op evengenoemde wet naar art. 351 Sv, kennelijk is bedoeld dat de rechter is gebonden aan de strafsoort en het strafmaximum dat de desbetreffende Nederlandse strafbepaling op het overeenkomstige feit stelt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d50478dbf5ba757b6828e1ec21b8e060d6f8200bc6214cf2c2305d6ac67c61a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d50478dbf5ba757b6828e1ec21b8e060d6f8200bc6214cf2c2305d6ac67c61a9, en de alinea staat in dat document op bytes 15954 tot 16545.