Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2003

Alinea 119 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5456.

4.7.2 Ik merk nog op dat mijns inziens uit het feit dat [betrokkene 1] aan het onderzoek mee wilde werken en toestemming gaf verklaringen te gebruiken, (achteraf) zelfs ook wel een stilzwijgende toestemming voor het gebruik van de in het besloten gesprek met de PEC afgelegde verklaring kan worden afgeleid. Het ging er [betrokkene 1] met name op dat zijn persoonlijk levenssfeer en veiligheid niet in gevaar zouden komen. Op dat punt vallen zowel de PEC als het openbaar ministerie geen verwijten te maken; zowel de PEC als het openbaar ministerie zijn discreet met de persoonsgegevens van [betrokkene 1] omgegaan(25).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/574fd5ef874958b651ead2389309322111a909441ee6a3fe2a98900ef2738b04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 574fd5ef874958b651ead2389309322111a909441ee6a3fe2a98900ef2738b04, en de alinea staat in dat document op bytes 79129 tot 79762.