Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2003

Alinea 270 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5456.

Het hof is van oordeel dat, zelfs indien een beperkte inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van [verdachte] zou moeten worden aangenomen, deze haar rechtvaardiging vond in de aan de Rijksrecherche opgedragen taak in samenhang met de verantwoordelijkheid van de - toenmalige - procureur-generaal als onder 6.2.2.1. beschreven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/574fd5ef874958b651ead2389309322111a909441ee6a3fe2a98900ef2738b04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 574fd5ef874958b651ead2389309322111a909441ee6a3fe2a98900ef2738b04, en de alinea staat in dat document op bytes 173770 tot 174109.