Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2003

Alinea 67 Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juli 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5456.

Een getuige, gehoord tijdens een besloten verhoor van een parlementaire enquêtecommissie, is, behoudens in het geval aan de getuige krachtens de WPE of een verdragsbepaling een verschoningsrecht toekomt, verplicht te antwoorden (zie art. 15, tweede lid, WPE). Zoals hiervoor reeds uiteengezet, geldt de geheimhoudingsplicht ten aanzien van een besloten verhoor in geval van een vermoeden van meineed niet. De parlementaire enquêtecommissie is bevoegd bij de totstandkoming van de aangifte uit dat besloten verhoor te citeren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/574fd5ef874958b651ead2389309322111a909441ee6a3fe2a98900ef2738b04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 574fd5ef874958b651ead2389309322111a909441ee6a3fe2a98900ef2738b04, en de alinea staat in dat document op bytes 38259 tot 38800.