Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003

Alinea 78 Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5529.

4.20. Voor zijn oordeel dat vraag (i) slechts na nader feitelijk onderzoek waarvoor in het kortgeding geen plaats was, kon worden beantwoord, heeft het hof van belang geacht de omstandigheid dat de bevrachter geen bemoeienis heeft gehad met de belading, doch de stuwagebelading en het vastsjorren heeft overgelaten aan kapitein en bemanning. Hiermee doelt het hof kennelijk, en in het licht van de gedingstukken niet onbegrijpelijk, op de afspraken en gang van zaken met betrekking tot het vastzetten van de coldbox in Rotterdam. Volgens [eiseres] was vervoer op FIOS-basis afgesproken, hetgeen inhield dat de bevrachter zou zorgen voor stuwage en vastsjorren van de lading. Indien geen sjorploeg van de bevrachter aanwezig zou zijn, zouden volgens [eiseres] kapitein en bemanning van het schip zorgen voor vastzetten van de lading, met behoud van de afspraak dat een en ander conform het FIOS beding voor rekening en risico van de bevrachter zou geschieden.(15)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6a130abd60fe6eee715cfbeff4805fc77a61cb5e02108e26418b54b90dd229be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6a130abd60fe6eee715cfbeff4805fc77a61cb5e02108e26418b54b90dd229be, en de alinea staat in dat document op bytes 34227 tot 35202.