Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003
Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5547.
2.6. De vakliteratuur is verdeeld op dit punt. W.J.M. Davids noemt als kenmerk van een balkon dat dit betrekkelijk klein van oppervlakte is. Dit kenmerk is z.i. van belang "omdat daarmede gegeven is dat degene die zich op een balkon bevindt, zich daar steeds min of meer op dezelfde plaats ophoudt, hetgeen voor de buurman onaangenamer is". Om dezelfde reden kan zijns inziens een daktuin of een plat dak van een uitbouw of garage niet als een werk, soortgelijk aan een balkon, worden beschouwd. Hij erkent dat plaatselijke omstandigheden tot een andere gevolgtrekking kunnen nopen(10). De Asser-serie geeft blijk van een kentering. In afwijking van oudere drukken, vermeldt Asser-Beekhuis sedert de 11e druk dat ook een plat dak of een daktuin onder de regel van art. 695-696 (oud) BW kan worden gebracht(11).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/369eadfea7c01e36794e6d675d0946ef1e21bc1ed02c3f16a430271d6a60a6a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 369eadfea7c01e36794e6d675d0946ef1e21bc1ed02c3f16a430271d6a60a6a3, en de alinea staat in dat document op bytes 14443 tot 15266.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/369eadfea7c01e36794e6d675d0946ef1e21bc1ed02c3f16a430271d6a60a6a3 | shasum -a 256