Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 mei 2003

Alinea 60 Parket bij de Hoge Raad 20 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5704.

"Ik ben als assistent-bedrijfsleidster werkzaam bij Hotel Campanile, gevestigd te Eindhoven. U vraagt mij of wij de laatste maanden een kamer hebben verhuurd aan [verdachte]. Ik kan u verklaren dat [verdachte] meerdere malen in het hotel heeft verbleven. Uit het gastenboek blijkt dat [verdachte] van 20 mei 1999 tot 26 mei 1999, van 29 mei 1999 tot 3 juni 1999, van 4 juni 1999 tot 7 juni 1999 en van 7 juli 1999 tot 15 juli 1999 in het hotel een kamer heeft gehuurd. In zijn gezelschap verbleef een jongen van ongeveer 5 jaar. Volgens [verdachte] zou dit zijn zoon zijn."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/11149d4f478e1650c95172ac527249095ca2eda7c2088f8232adb7e4c65aba29. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 11149d4f478e1650c95172ac527249095ca2eda7c2088f8232adb7e4c65aba29, en de alinea staat in dat document op bytes 21602 tot 22188.