Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2003
Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5705.
11. De raadsman heeft zijn verzoek - voor zover hier van belang - gebaseerd op de stelling dat kennisneming van alle relevante stukken die tot de verdenking van zijn cliënt hebben geleid en op basis waarvan de verschillende taps tot stand zijn gekomen noodzakelijk is om controle op de rechtmatigheid van de toepassing van die taps te kunnen uitoefenen. Daarbij wijst de raadsman erop dat weliswaar in de periode van 26 tot 29 januari 2001 de telefoon van de verdachte is getapt op grond van CIE-informatie van 25 januari 2001 zoals deze zich in het dossier bevindt (bladzijden 65 en 92 van het proces-verbaal), maar dat de officier van justitie (volgens blz. 24 van het proces-verbaal) reeds op 10 januari 2001 - opdracht had gegeven informatie uit het Rolex-dossier (betreffende een onderzoek naar heling niet gericht tegen verdachte) te gebruiken in het onderhavige "Paling"-onderzoek en het proces-verbaal van de CIE van 26 januari 2001 dus nimmer de basis kan vormen van de verdenking van verdachte in het "Paling"-onderzoek.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5f82003647c664c452abe85b151c01f5702f54bd708290b0259e24aafdcc987e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5f82003647c664c452abe85b151c01f5702f54bd708290b0259e24aafdcc987e, en de alinea staat in dat document op bytes 9742 tot 10786.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5f82003647c664c452abe85b151c01f5702f54bd708290b0259e24aafdcc987e | shasum -a 256