Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2003
Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5705.
"dat uit de stukken blijkt dat het opsporingsonderzoek in de fase vóór 25 februari 2000 gericht is geweest op een aantal helers van gestolen goederen, te weten de verdachten genaamd [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2], en dat uitsluitend het telefoonverkeer van die verdachten is afgeluisterd. Naar aanleiding daarvan is op een gegeven moment verdachte in beeld gekomen. Naar het oordeel van het hof staat buiten twijfel dat de verdachte vóór 25 januari 2000 zelf geen expliciet onderwerp van onderzoek is geweest, reden waarom naar 's-hofs oordeel verdachte niet het recht toekomt om volle inzage te verkrijgen in de stukken voorafgaande aan de beslissingen van de rechter-commissaris betreffende toegepaste dwangmiddelen in voormeld "Rolex-onderzoek". Op grond daarvan wordt het verzoek van de raadsman afgewezen."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5f82003647c664c452abe85b151c01f5702f54bd708290b0259e24aafdcc987e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5f82003647c664c452abe85b151c01f5702f54bd708290b0259e24aafdcc987e, en de alinea staat in dat document op bytes 11252 tot 12088.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5f82003647c664c452abe85b151c01f5702f54bd708290b0259e24aafdcc987e | shasum -a 256