Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003
Alinea 13 Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5834.
5. Een onschuldbewering gaat alleen op indien de Rechtbank onverwijld - dat wil zeggen zonder diepgaand onderzoek vergelijkbaar met dat in het strafgeding zelf - tot de overtuiging komt dat er geen sprake kan zijn van een vermoeden van schuld.(1) Dit houdt in dat de opgeëiste persoon moet aantonen dat de door de verzoekende Staat geformuleerde verdenking op een misslag berust. Een dergelijke bewering dient hij aanstonds te kunnen staven met bewijsmateriaal.(2) Daarbij moet met name worden gedacht worden aan het verweer dat de opgeëiste persoon de feiten niet kan hebben begaan, aangezien hij bijvoorbeeld een alibi heeft.(3)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/24882d0a1bec65f6cd1b39d03f62ec36cd588828960d30d13ab2eccb686a1037. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 24882d0a1bec65f6cd1b39d03f62ec36cd588828960d30d13ab2eccb686a1037, en de alinea staat in dat document op bytes 7413 tot 8058.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/24882d0a1bec65f6cd1b39d03f62ec36cd588828960d30d13ab2eccb686a1037 | shasum -a 256