Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2003

Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF5891.

3.7 Naar de kern genomen, gaat het in deze zaak om de vraag of hetgeen onder 3.6 is vermeld, in casu meebrengt dat de vordering moet worden afgewezen. Een oordeel daarover is in beginsel voorbehouden aan de feitenrechter. Dit vloeit voort uit rov. 3.3.2 eerste alinea in fine (het staat de rechter vrij ....) en rov. 3.5.3 van het arrest Johanna Kruidhof.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b79bdb8994c8e153342a16fd045ece5ea03fe5a6315272add6d31e72d761346d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b79bdb8994c8e153342a16fd045ece5ea03fe5a6315272add6d31e72d761346d, en de alinea staat in dat document op bytes 16152 tot 16520.