Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2003
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF6207.
17) Als wij dat betrekken op het hier te beoordelen geval: wie door bedrog op het verkeerde been wordt gezet, reageert niet altijd adequaat (effectief bedrog is er trouwens vaak op gericht, een adequate "afweerreactie" zo mogelijk te voorkomen). Een inadequate reactie behoort, (ook) omdat die niet zelden mede als (het beoogde) gevolg van het bedrog mag worden aangemerkt, niet zonder meer ten laste van de bedrogen partij te worden gebracht (en daarmee de bedrieger van aansprakelijkheid te ontheffen). Ik denk, met de schriftelijke toelichting namens de Waterschappen, dat dit, als het gaat om rekest-civiel, een verbijzondering is van de gedachte die ook ten grondslag ligt aan de beperkte ruimte die degene aan wie bedrog in de zin van art. 3:44 BW wordt verweten, toegemeten krijgt om zich te beroepen op domheid of onhandigheid van de bedrogene en, meer in het algemeen, de beperkte ruimte die in het leerstuk van de "eigen schuld" wordt gehanteerd als de laedens aan wie ernstig verwijt te maken valt, zich beroept op een minder gelukkig uitgepakte reactie van de benadeelde(17).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/74a1eb565738c364a023e02277603e6326ec9422b25649f812d7cbba023f760c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 74a1eb565738c364a023e02277603e6326ec9422b25649f812d7cbba023f760c, en de alinea staat in dat document op bytes 20334 tot 21434.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/74a1eb565738c364a023e02277603e6326ec9422b25649f812d7cbba023f760c | shasum -a 256