Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003

Alinea 11 Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF6208.

2. Wat het procesverloop betreft, blijkt uit de gedingstukken het volgende. Bij exploit van 23 januari 2001 heeft thans verweerster in cassatie, hierna: [A], [eiseres] gedagvaard voor de Kantonrechter te Amsterdam ter incasso van een factuur ten bedrage van f 5.017,64 wegens geleverde goederen. De Kantonrechter te Amsterdam heeft zich bij vonnis van 17 juli 2001 onbevoegd verklaard en de zaak in de stand waarin zij zich bevond verwezen naar de Kantonrechter te Haarlem. Deze heeft bij vonnis van 12 december 2001 de vordering van [A] toegewezen. [Eiseres] is bij exploit van 7 maart 2002 van dit vonnis in hoger beroep gekomen bij de Rechtbank te Haarlem. Nadat ter rolle van 7 mei 2002 aan de procureur van [eiseres] akte van niet dienen was verleend voor het nemen van de memorie van grieven, heeft de Rechtbank bij vonnis van 18 juni 2002 [eiseres] niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep, zulks op grond van de overweging dat [eiseres] geen grieven heeft aangevoerd tegen het vonnis waarvan beroep (r.o. 2.1).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56ef0db9aa605b93f96f741ad4ab1bf48416fa57711521d6be4380963e26df8d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56ef0db9aa605b93f96f741ad4ab1bf48416fa57711521d6be4380963e26df8d, en de alinea staat in dat document op bytes 5012 tot 6051.