Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 november 2003

Alinea 168 Parket bij de Hoge Raad 14 november 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF6572.

In de zaak die leidde tot HR 21 april 1999, na conclusie A-G Ilsink(3), BNB 1999/232(4) had belanghebbende ter bestrijding van de door de Inspecteur verdedigde waarde voor de heffing van onroerendezaakbelastingen een taxatierapport overgelegd dat was opgemaakt met het doel financiering te verkrijgen. Het Hof achtte op grond van het door de Inspecteur overgelegde taxatierapport aannemelijk dat de waarde van het pand niet te hoog is vastgesteld. Het ecarteerde het door belanghebbende overgelegde taxatierapport op de grond dat uit dit rapport niet blijkt dat bij de waardevaststelling rekening is gehouden met gerealiseerde verkoopcijfers van vergelijkbare panden. Bovendien was het met de Inspecteur van oordeel dat gelet op het doel van deze taxatie, de taxateur kon volstaan met een lagere waarde dan de waarde in het economische verkeer in de zin van de heffing van onroerendezaakbelastingen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/69e4e7a36feddf4c089a7545b2cb35db7cd053a94a01d5fe3e8c0696ceecdb03. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 69e4e7a36feddf4c089a7545b2cb35db7cd053a94a01d5fe3e8c0696ceecdb03, en de alinea staat in dat document op bytes 49176 tot 50088.