Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 november 2003

Alinea 185 Parket bij de Hoge Raad 14 november 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 november 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF6572.

Uit het voorgaande blijkt dat de rechter een grote vrijheid heeft in de keuze en de waardering van bewijsmiddelen. Die vrijheid is echter niet onbeperkt, zoals geen enkele vrijheid is. Naast de in punt 5 genoemde beperkingen, vindt deze haar begrenzing in de begrijpelijkheid van de door de rechter gemaakte keuze en van zijn appreciatie van de bewijsmiddelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/69e4e7a36feddf4c089a7545b2cb35db7cd053a94a01d5fe3e8c0696ceecdb03. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 69e4e7a36feddf4c089a7545b2cb35db7cd053a94a01d5fe3e8c0696ceecdb03, en de alinea staat in dat document op bytes 55668 tot 56042.