Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2003
Alinea 17 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF6983.
7. Het middel gaat uit van de opvatting dat geen rechtsgeldige inbeslagneming heeft plaatsgevonden omdat van de inbeslagneming geen kennisgeving is opgemaakt. Deze opvatting is m.i. onjuist. Voor de beslaglegging als bedoeld in art. 94 Sv gelden ten aanzien van roerende zaken geen bijzondere vormvoorschriften (zie Berkhout-van Poelgeest in Handboek strafzaken, 11.1.4.b). Dit komt ook overeen met de strekking van het voorschrift van art. 94, derde lid, dat namelijk beoogt te voorkomen dat gelegde beslagen aan de aandacht ontsnappen en niet worden afgewikkeld (TK, 1993-1994, 23692, 3, p. 11). Zie in dit verband ook HR 8 juni 1983, NJ 1983, 85, waarin de Hoge Raad de gedachte verwerpt dat de kennisgeving een constitutief vereiste voor de inbeslagneming zou zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0faa53cbf14fd2d56d2e1ff46b16d5c35c531a911c449014694091757cc9c9f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0faa53cbf14fd2d56d2e1ff46b16d5c35c531a911c449014694091757cc9c9f4, en de alinea staat in dat document op bytes 6186 tot 6969.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0faa53cbf14fd2d56d2e1ff46b16d5c35c531a911c449014694091757cc9c9f4 | shasum -a 256